Quechquémitl versierd met motieven van bloemen en dieren

 

Deze Quechquémitl is vervaardigd op een heupweefgetouw met katoen. Het bestaat uit twee stukken textiel die aan elkaar zijn vastgezet met blauwkatoen. De quechquémitl is versierd met borduursels...

Objectnummer
RV-4880-145
Instelling
Stichting Nationaal Museum van Wereldculturen
Periode
1975
Herkomst
San Pedro Coyutla

Deze Quechquémitl is vervaardigd op een heupweefgetouw met katoen. Het bestaat uit twee stukken textiel die aan elkaar zijn vastgezet met blauwkatoen. De quechquémitl is versierd met borduursels van wol en katoen. Een borduursel is een decoratieve techniek waarbij extra draden aan het weefsel worden genaaid. De motieven die aangebracht zijn bevatten klassieke kleuren. De motieven die met wol zijn geborduurd, zijn van een ander type dan de katoenen motieven. De laatste zijn gestileerde dierfiguren en geometrische figuren, waarvan gestileerde bloemen het belangrijkste onderdeel vormen. Ook zijn er motieven van bloemen geborduurd (tamamáni), en leeuwen (tecuani, fieras u ocelotes), en een motief van kleine sterren (semanahuac) die het universum vertegenwoordigen. Ze zijn in diverse typen kruissteek gemaakt. De kleuren zijn zwart en roodpaars. De wollen motieven zijn paarsgewijze of als rand aangebracht; er zijn drie soorten. Eenzelfde soort welke motieven werden naast elkaar om en om in donkerblauw en roze of in roze en oranje geborduurd. Ze heten "estambres"; de steken vormen lusjes en daar de patronen helemaal opgevuld zijn komen ze op de stof te liggen als kleine tapijtjes. Aan de achterkant is het patroon heel mooi zichtbaar. De quechquémitl is met blauw katoen aaneengehaakt, en aan de hals omgehaakt. De maakster is Maria Concepción Bautista (afb. 87). In de gemeente van Chalma, in de Huasteca regio van Veracruz, is de ambachtelijke sector goed vertegenwoordigd. Het meeste werk wordt gedaan door de inheemse bevolking. De ambachtsleden werken in hun vrije tijd in hun huizen. Het werk wordt intensiever vlak voor de patronale en familiaire feesten, zoals tijdens de rituelen die toegewijd zijn aan de doden en de maïs. Het vervaardigen van textiel is een relevante activiteit in deze gemeente. Alle vrouwen zijn bekend met de borduurtechnieken. Alleen de bejaarde vrouwen praktiseren het weven op een heupweefgetouw en het spinnen; zij zijn meestal de verantwoordelijken voor het produceren van de kleding van de familie. Tegenwoordig (2008) naast de vrouwen die zelfstandig werken, bestaat er een groep van georganiseerde vrouwen voor de productie van textielen voor de stadsmarkt, wat nieuwe vormen van werk tot stand brengt, net als ook nieuwe designs van kledingstukken en borduursels. De inheemse Nahua vrouwen van San Pedro Coyutla, Chalma, weven quechquemitls met wit katoen (gossypium hirsutum) en katoen coyuche (gossypium mexicanum) die met de hand gesponnen zijn. De weefsels worden versierd met brokaten en met borduursels met een 'lomillo' steek of met een lange kruissteek, waarbij motieven van vogels, bloemen, sterren en geometrische motieven worden gevormd. Daarnaast weven ze servilletas (kleine doeken) met katoen die versierd worden met de techniek van 'confite', een techniek waarbij in kleine hoeveelheden draden van de inslag uit de schering worden getrokken. In dit dorp dragen de volwassen vrouwen wikkelrokken en quechquémitls: een andere groep draagt een rok van geïndustrialiseerde stof en een blouse met borduursels rond de nekopening en de mouwen, door gebruik te maken van polychrome draden van katoen en acrylische stof. De meest gebruikte motieven zijn bloemen, sterren, levensbomen, vogels en geometrische motieven (grecas). Huipiles en quechquémitl (voor beide kledingstukken zijn geen goede equivalenten in de Nederlandse taal te vinden) zijn de traditionele kledingstukken bij uitstek van de Indiaanse vrouw in Mexico. De huipil is een in essentie eenvoudig rechthoekig, mouwloos kledingstuk dat de schouders en een deel van de armen bedekt en in de lengte tot op de heupen kan vallen, maar elders tot aan de enkels reikt. Met het dragen ervan worden vele aspecten van het sociale leven tot uiting gebracht. Dat geldt eveneens voor de quechquémitl dat in principe meer een schoudergewaad is. De verschillende huipiles en quechquémitl onderscheiden zich van elkaar naar vorm en toegepaste weef- en versieringstechnieken, evenals de omvang en aard van de decoratieve patronen en motieven - deze elementen hangen veelal samen met de eigen identiteit van de verschillende etnische groepen. Het is interessant te zien dat het verspreidingsgebied van beide kledingstukken in de 20ste eeuw nagenoeg geen overlap kent: als een groep zich kleedt met de huipil, ontbreekt de quechquémitl en omgekeerd. In de precolumbiaanse tijd was dit niet het geval en bestonden beide kledingstukken naast elkaar en werden in sommige gevallen zelfs over elkaar gedragen, zoals uit Mixteekse codices blijkt.

Aanvullingen

Vul deze informatie aan of geef een reactie

Reactie